23 november 2006

Het is koud in Seattle. Nick had verwacht dat de temperatuur hier aangenamer zou zijn dan in Vancouver, maar niets is minder waar. De gure wind blaast om hun pas betrokken appartement en hij zit alleen in de woonkamer. Hij is niet gelukkig. Wat hem betreft waren ze nog een hele tijd in Vancouver gebleven. En nu het enige voordeel wat hij had kunnen bedenken, de temperatuur, ook nog tegenvalt, hoeft het van hem al helemaal niet meer.

O.k. bij de Golden Colors had hij in ieder geval niet meer willen blijven. Het was een restaurant van tanende glorie en treurnis. De Chef Ilan bleek nogal een drinkebroer en dronk zichzelf steeds eerder op de dag een stuk in zijn kraag. Er was geen fles meer veilig in de voorraad en het personeel begon steeds meer over hem te ouwehoeren. “Vervelend en triest ook wel”, vond Nick. Dit was een man die hem de eerste twee jaar zo verschrikkelijk veel had geleerd over technieken en het bereiden van verse producten dat Nick het eigenlijk niet kon aanzien zoals hij zichzelf ten gronde richtte. Hij had wel eens geprobeerd om er iets over te zeggen, maar dat werd weggewuifd en met slechte grappen onder de tafel gelachen. Daarnaast was de eigenaar zelden aanwezig. Die was voornamelijk bezig met het opstarten van een nieuw, vergelijkbaar restaurant in Jasper in de Rocky Mountains. Dat was zijn nieuwe paradepaardje en de Golden Colors kwam toen duidelijk op de tweede plek.

“Nee, het is gebeurd met de GC”, denkt Nick en neemt een slok van zijn koffie. “maar toch. Toch had ik in Vancouver willen blijven. Ik hou van die stad, de mensen, de café’s en Vancouver Island” en terwijl hij in gedachten verzonken is, gaat de telefoon. “Hi there, Nick speaking” en Barbara is aan de andere kant van de lijn: “Hi, schatje wil jij zorgen dat er boodschappen zijn voor vanavond? En zorg ook dat het er een beetje gezellig uit ziet, wil je? Je weet hoe mijn ouders zijn. Die stellen dat nogal op prijs”, en voordat Nick het weet heeft ze al weer opgehangen. Barbara is helemaal in haar element hier in het Seattle van haar jeugd en haar ouders. Haar vader heeft haar min of meer de baan als hoofdzuster in het ziekenhuis bezorgd en ze gaat er volledig in op. Ze groeit en bloeit en wordt alsmaar dominanter sinds haar nieuwe rol als ‘kostwinner’. Nick werkt dan wel, maar zeer onregelmatig. Hij staat bij diverse uitzendbureau’s ingeschreven en laat zich alle baantjes aansmeren die hem toekomen om maar aan de slag te blijven. Soms staat hij zelfs een avond in de afwaskeuken tot groot ongenoegen van zijn Barbara. Hoe meer haar ster stijgt, hoe meer ze neerkijkt op, in haar ogen minderwaardig werk.

Nick pakt zijn portemonnee, trekt een dikke warme jas en dito sjaal aan en gaat naar buiten. De snijdende wind doet zijn ogen tranen en hij trekt zijn sjaal nog iets meer om zijn nek. Voorovergebogen, met zijn hoofd in de wind, loopt hij richting de supermarkt vlakbij om de hoek. “Ik ga niet ingewikkeld doen hoor”, besluit hij in zijn hoofd en koopt er eenvoudige ingrediënten voor een simpele, doch smaakvolle pasta en tomatensalade. Hij heeft vandaag geen zin om drie winkels af te struinen voor de beste, verse producten alleen maar omdat zijn zogenaamde schoonouders komen eten. Het is te koud en hij heeft geen zin. Als hij een paar uur later druk bezig is met de voorbereidingen in hun eenvoudige keuken, staat hij te tranen bij het snijden van een ui. Op een gegeven moment merkt hij dat de uientranen, echte tranen worden en realiseert zich dat hij niet gelukkig is. Sinds hun komst naar Seattle en de nieuwe baan van Barbara ontstaat er steeds meer afstand tussen hun twee en voelt hij een oude, bekende eenzaamheid in zijn hart kruipen. Net als vroeger. Thuis. Als hij iets met zijn ouders wilde delen wat niet kon of onmogelijk leek. Dan voelde hij zich nog meer alleen dan hij als enig kind al was. Dan kroop hij naar een plekje op zolder waar hij in een hoekje rustig kon huilen tot er opluchting ontstond en hij weer moed had om naar beneden te gaan. Dan ging hij vaak zijn moeder helpen in de keuken en zocht letterlijk de warmte van haar lijf. Dan ging hij vlak naast haar staan om aardappels te schillen of af te wassen en voelde haar grote (ze was nogal fors) warme lijf om zich heen. Zijn moeder was niet zo van het knuffelen, maar samen in de keuken raakte ze hem dan wel eens aan of gaf hem een aai over zijn bol.

De bel gaat. Glenn en Kris staan voor de deur en met een hoop bravoure en volume komt Glenn als eerste binnen. “Well Nick, are you settled in Seattle?” en hij lacht zoals altijd het hardst om zijn eigen grapje. “Hi Kris”, zegt Nick tegen zijn toekomstige schoonmoeder. Hij begrijpt Kris steeds beter en zonder een woord te zeggen is een glimlach tussen de twee vaak genoeg. “Willen jullie iets drinken?”, vraagt Nick en Glenn antwoordt als eerste: “Ik dacht dat je het nooit zou vragen, boy! Doe mij maar het bekende recept” en voordat hij het weet staat er al een Bourbon met ijs voor zijn neus. “Wat wil jij. Kris?”, vraagt Nick en kijkt haar met de eerdergenoemde glimlach aan. “Ik lust wel een glaasje vruchtensap”, zegt ze en als ze nauwelijks uitgesproken is dendert Glenn er al weer doorheen. “Waar is mijn dochter eigenlijk? Is ze nog steeds aan het werk?”. “Ja”, antwoordt Nick. “Ze kan ieder moment thuis zijn. Ik verwacht haar meestal rond half zeven dus dat zal niet lang meer duren”. “Hoe bevalt het nou om ‘huisvrouw’ te zijn?”, vraagt Glenn en hij moet weer vreselijk lachen. “Oohh, dat gaat wel hoor en ik werk natuurlijk ook regelmatig. Ik heb er in ieder geval geen problemen mee” en Nick loopt naar de keuken om zo min mogelijk geconfronteerd te worden met de cynische opmerkingen van Glenn. Kris komt de keuken binnen en ruikt de geur van de pastasaus. “Mmmmm, heerlijk Nick. Dat ruikt echt lekker.” “Dank je. Het is maar een simpele pasta hoor dus ik hoop niet dat jullie dat erg vinden?…”, vraagt hij zonder een antwoord te verwachten. “Oh nee hoor. Voor mij is het geen enkel probleem. Ik eet toch niet zoveel en vind het wel best. Glenn heeft altijd wel wat te zeuren. Dat weet je wel”, en de glimlach verbindt de twee weer met begrip. “Gaat het wel goed met je Nick?”, vraagt ze nu alsof ze doorheeft dat hij niet lekker in zijn vel zit. “Ach”, antwoordt Nick. “Het is een beetje wennen hier, in Seattle. Geen bekenden van mij. Geen vaste baan. Alles nieuw. Je kent het wel”. “Ik begrijp het wel”, zegt Kris en roert voorzichtig in de pan. “Het heeft tijd nodig, denk je niet?” en haar vraag aan Nick lijkt wel de hamvraag die ze al jaren aan zichzelf stelt. Hoe lang kan een mens zichzelf nog voor de gek houden?

Op de achtergrond horen ze muziek en Glenn heeft een oud cd’tje van Kenny Rogers opgezet. “I promised you son, not to do the things I done”, klinkt het nu in een mislukt duet tussen Kenny en Glenn. Kris en Nick zwijgen. Niets zeggen, zegt soms zo veel. Dan komt Barbara binnen. “Hi, poeh poeh. Ik doe even mijn jas uit hoor. Brrrr. Wat is het koud” en ze hangt haar jas op de kapstok en legt haar handschoenen op de radiator. “Hi mam” en ze kust haar moeder gedag. Nick krijgt, zoals gebruikelijk, een kusje op zijn mond en binnen schrikt Glenn van de plotselinge aanwezigheid van zijn dochter. “Hi princess”, zegt hij. “Ik was net in duet met Kenny. Je laat me schrikken. Hahaha” en hij geeft Barbara een dikke knuffel. “Wat is het toch?”, denkt Nick. “Dat hij die warmte bij Barbara wel kan tonen. De enige bij wie ik zie dat er toch iets van affectie in hem schuilt. Zou het geen compensatiegedrag voor zijn schuldgevoel ten opzichte van Ashley zijn?”, denkt hij en loopt nu samen met Kris naar de woonkamer. Hij had de tafel al mooi gedekt en de tomatensalade straalt als een rode gloed in de witte kom. “A table”, zegt Nick op een guitige manier en doet zijn best om er nog wat van te maken. “Zo Nick, dit is zeker jouw specialiteit aller tijden. Mm?” en Nick kijkt Glenn teleurgesteld aan. “Tja. Ik was ten slotte de pastakoning van Vancouver” en met een grap wuift hij de scherpe toon weg van zijn schoonpapa in spe. “Ja, Vancouver”, gaat Glenn verder. “Daar hebben ze al helemaal geen eetcultuur. Wat dat betreft kun je hier in Seattle ten minste echt leren koken”. Het enige waar het nu begint te koken is in het hoofd van Nick, maar hij houdt wijselijk zijn mond. De avond wordt gevuld met rotopmerkingen van Glenn en een dominante rol voor Barbara en haar vader. Kris en Nick lijken soms totaal afwezig tijdens de een-tweetjes tussen die twee. Als Glenn en Kris uiteindelijk zijn vertrokken, zitten Barbara en Nick nog met een glaasje op de bank. “Weet je”, zegt Nick. “Ik ben eigenlijk niet zo happy hier”. Barbara kijkt hem aan en vraagt: “Oh. Hoe bedoel je dat dan? Niet gelukkig? Heb ik helemaal niets van gemerkt?”. “Ik weet niet. Ik kan nog niet zo goed aarden en moet wennen aan het leven hier. Jij hebt je werk en hebt het naar je zin. Ik vind het ook vervelend om jouw in de weg te zitten…”. “maar lieverd”, zegt Barbara nu. “Natuurlijk niet” en ze gaat tegen hem aan zitten met haar hoofd op zijn borst. “Ik denk dat je gewoon een leuke baan moet vinden en dan komt het wel goed. Denk je niet?”. Nick denkt een tijdje na voordat hij antwoordt. “Ik weet het niet. Ik wil mezelf ook de tijd geven. Het liefst zou ik een eigen restaurant beginnen, maar daar hebben we gewoonweg het geld niet voor. Het zal vast wel goed komen” en hij geeft haar een kus op haar hoofd. Barbara staat op en rekt zich uit. “Morgen weer een zware dag, liefje. Ik ga maar eens naar bed” en ze loopt richting de badkamer. Nick kijkt haar na. “Jammer”, denkt hij. “Ik vond het net zo’n fijn gesprek, maar ik snap het wel” en hij loopt naar de keuken om zichzelf nog een bodempje wijn in te schenken. Barbara loopt met haar flanellen pyjama naar hem toe en geeft hem een kus. “Trusten, schatje. Tot morgen” en ze kijkt hem nog even aan. Hij strijkt met zijn rechterhand over haar billen en knipoogt ondeugend. “Weet je zeker dat je al gaat slapen?”, vraagt hij, maar weet eigenlijk al dat ze te moe is. “Ik moet echt gaan slapen. Ik heb nog maar zeven uur…” Ze draait zich om en loopt naar de slaapkamer. “Tja, dat doen we ook alleen nog maar in het weekend”, denkt hij en verzinkt in zijn eigen gedachten, drukt nog maar eens op ‘play’ en luistert naar de warme stem van Kenny Rogers. “Niemand”, denkt hij. “maar dan ook niemand mag het lef hebben om met Kenny Rogers mee te zingen en zeker Glenn niet”.

Nick wordt een paar uur later wakker en merkt dat hij nog op de bank ligt. Langzaam beseft hij zich dat dit niet de manier is; wijn drinkend op de bank, net zoveel totdat hij in slaap valt. Zijn vrouw alleen in bed. Weinig contact. Weinig vrijen. “Dit moet echt anders”, denkt hij. Hij staat op en kijkt naar buiten. De wind waait nog steeds heel hard en de verkeersborden bewegen zelfs. En dan, zonder dat hij het zelf doorheeft, roept hij: “Eureka!!!!” en gilt het bijna uit. Hij loopt naar de slaapkamer, kruipt naast Barbara in bed en begint aan haar te schudden: “Schatje, word eens wakker. Bar…wordt eens wakker” en ze ontwaakt langzaam uit een diepe slaap: “Wat is er?”, zegt ze. “Er is toch niets ergs aan de hand?” en ze zit ondertussen rechtop in haar bed. “Nee, nee, helemaal niet. Ik. Ik wil je alleen maar” en voordat hij kan vragen wat hij wil zegt ze: “Nou? Wat is er? Je moet wel een hele goede reden hebben om mij midden in de nacht wakker te maken. Nou, wat is er?” en dan lukt het hem eindelijk: “Lieve Barbara wil je” en hij springt naast haar op de grond en gaat op zijn knieën zitten. “Wil je met me trouwen?”

Advertenties

Tags:

Categorieën: novemberdagen - Kortverhalen

Abonneren

Abonneer op onze RSS feed en sociale profielen om updates te ontvangen.

Nog geen reacties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: