27 november 2008

novemberdagen2711

Erin komt moe de studio uit. Ze hebben vandaag hard gewerkt aan een nieuwe productie en de regisseur die ze moet assisteren is een man met wie ze nog niet eerder heeft gewerkt. Hij is een flamboyante Iranees met een bijna onverstaanbaar accent en het kost Erin moeite hem bij te houden. Ze twijfelt even of ze snel wat in de artiestenfoyer zal eten maar bedenkt dan dat het er druk zal zijn omdat een buitenlands balletgezelschap deze week in het theater optreed. Het is donker en guur; de sombere winter neemt steeds meer van de kleurrijke herfst over.

Erin fietst snel, dan kan ze nog voor zes uur een paar boodschappen doen. Ze heeft trek in een gegrild visje, wat knoflook, tomaten en boontjes erbij en een stukje pittige geitenkaas toe met wat kweeperengelei die haar moeder gemaakt heeft.

Als ze haar straat in fietst ziet ze ter hoogte van haar voordeur een gestalte staan, vaag afgetekend door het schijnsel van de dichtstbijzijnde lantaarn. Even springt haar hart over. Zou Neil…? Maar nee, die verwacht ze pas de eerste week van januari in Londen.

Als ze dichterbij komt ziet ze dat het Ashley is, haar rode haar glanzend door de vochtige mist die over de stad is neergedaald. Ze schrikt als ze haar vriendin in de ogen kijkt. Ashley ziet er uit alsof ze gehuild heeft, ze lijkt verkleumd en ziet er triest uit. “Ash, wat is er gebeurd?” vraagt Erin, gealarmeerd door de aanblik van het verdriet. “Mijn vader is gisteren gestorven.” is het enige wat Ashley kan uitbrengen, terwijl ze beiden Erin’s kamer binnenlopen. “Wat is er gebeurd? Je vader was toch niet ziek? Van wie hoorde je het?.” Allemaal niets ter doende vragen. Allemaal woorden. Erin beseft het terwijl de zinnen haar mond uitrollen. Ashley huilt nu door, stil, een beklemmende tranenstroom.

Erin duwt haar vriendin op de bank en doet de kachel wat hoger. Gaat eerst het een en ander redderen om Ashley zich te laten herstellen. Ze weet dat Ashley een hekel aan haar eigen emoties en zwakheden heeft. Ze schenkt twee glazen wijn in, snijdt stukjes van de geitenkaas en haalt dan een bak met zelfgetrokken soep uit de vriezer. Ashley zal nu geen trek hebben maar misschien later op de avond wel. Erin gaat ervan uit dat ze zal blijven slapen.

Als ze terug in de kamer is, ziet ze dat Ashley kleintjes en ineengedoken in een hoekje van de bank zit. Erin gaat zwijgend naast haar zitten en reikt haar een glas wijn aan.

“Het was een ongeluk. Hij is met een dronken kop uitgegleden in de keuken van het restaurant van Nick en Barbara. Nick is in alle staten want hij vindt dat het zijn schuld is omdat hij vermoedelijk een klontje boter heeft laten vallen. Pa, die is overleden door een klont boter. De bittere ironie daarvan. Hoe vaak heeft hij me niet toegeschreeuwd vroeger; ”Ashley, smeer die boter op je brood. Ik heb gewerkt voor die boter. Boter is goud en ik heb dat met eigen handen verdiend. Anders was je een eeuwige margarinetrut geworden, zoals…” haar stem breekt in een snik. “Hij dreigde soms om mijn gezicht in de boter te duwen. “Wees dankbaar voor die klotenboter!” riep hij dan. Ze slaat haat handen voor haar gezicht. “Ik had nachtmerries dat ik zou stikken in borden vol boter die mijn vader uit een ton schepte…”

“Was dat in de tijd dat je ziek was?” vraagt Erin zacht. “Nee. Misschien werd ik daardoor juist wel ziek. Altijd die dankbaarheid moeten tonen voor dat vet. Hij zei het mijn leven lang. Wierp het voor mijn voeten vanaf het moment dat ik dingen begreep. Boter was misschien wel het eerste woord dat hij me dwong te spellen. Hij heeft mijn moeder, mijn stiefmoeder, altijd verweten dat ze dun wilde blijven, dat ze geen boter wilde gebruiken. Mollige vrouwen waren voor hem gelukkige vrouwen omdat hun man het geld verdiende waardoor ze gelukkig en mollig konden zijn. Maar hij verleidde wel jonge danseressen, dun als naalden. En mijn eigen moeder was ook een kleine, frêle vrouw toen… toen…” opnieuw stokt Ashley.

Er komt plotseling zoveel leed uit haar dat Erin een arm om haar heen slaat. Ze zegt niets, ze vraagt niets. Ashley praat wel.

“Ik weet niet waarom ik zo moet janken. Ik hou niet eens van hem. Ik heb hem zelfs verafschuwd. Toen ik vorig jaar hoorde dat ik niet meer dan een product van zijn lage lusten ben geweest, vermoedelijk door de Bourbon opgewekt, jeetje, Erin, ik haatte hem echt. Ik heb me moeten inhouden om niet de eerste de beste vlucht naar hem toe te nemen en hem toe te schreeuwen wat een rotzooi hij van alles gemaakt heeft. Hoe hij mensen heeft gemanipuleerd, altijd maar trots op zichzelf. Op het feit dat hij de goot was overgestoken. Was hij er maar blijven liggen…” Ze gaat rechtop zitten en haar betraande blik gaat Erin door merg en been. Alle frustraties komen als een stortvloed van woorden uit Ashley’s binnenste naar boven. Het is alsof ze jaren van onverteerde woede moet uitbraken, moet opgeven totdat er alleen nog maar bittere gal overblijft.

“Ik had hem willen vermoorden. Met liters boter, met luxe, rijke, dure delicatessen zodat hij een pijnlijke hartvervetting zou krijgen. Ik had hem willen laten stikken in een visgraat, ik had hem dozen vol sigaren willen dwingen te roken, hem met een bevroren lamsbout op zijn zelfvoldane hoofd willen slaan, hem willen laten verdrinken in whiskey…” Ineens giert haar snik door de kamer als een hysterische lach. Dat schrijnt zo mogelijk nog meer in Erin’s hart. Ze vraagt zich af of de altijd kalme Ashley niet een geestelijke crisis nabij is. Moet ze haar moeder bellen om advies? Ashley iets kalmerends toedienen?

Dan zakt de huilende stem timbres lager, bijna berustend. “Ik heb dat alles niet gedaan, Erin. Ik heb hem uiteindelijk zijn eeuwige zin gegeven. Ik heb gezwegen. Ik heb zoveel mogelijk de draad van mijn veranderde bestaan opgepakt en ben verder gegaan. De haat die ik voelde voor hem is ergens in de Amstel terecht gekomen. Toen ik jou en Neil afgelopen voorjaar samen zag, heb ik zelfs het idee gehad dat het anders zou moeten. Dat ik de rotzak eigenlijk zou moeten bedanken om wat hij gedaan heeft… want ik heb er een prachtige broer door gekregen.“

Ze nemen, ieder in haar eigen gedachten, een slok van de wijn.

“Ik moet natuurlijk naar de dienst. Ik weet nu nog niet wat mama wil. Ik noem haar nog steeds mama. Zij weet niet dat ik weet wat ik weet. Barbara weet het al helemaal niet. Wie ben ik om haar daar nu mee te confronteren? Ik ben eigenlijk al zo lang geen familie meer van hen dat ik ook niet weet wat ze in dit geval willen. Begraven? Cremeren? Hem gewoon laten rotten?” Even komt de bitterheid weer om de hoek kijken maar Ashley heeft zichzelf  nu behoorlijk in de hand. Nog steeds zegt Erin niets en laat ze de fontein van emoties door de kamer spatten.

“Waarom hebben ze destijds niet naar me gezocht? Waren ze dan zo blij om van me af te zijn? Mama misschien. Ik veroorzaakte onrust in haar zo rustige, kleine wereldje. Ze kon niet met mijn ziekte overweg. Dat had ik hem nog willen vragen: “Waarom liet je hen niet zoeken? Waarom hield je alle informatie van Ludovic bij jezelf? Ik had hem nog zoveel willen vragen en hem nog zoveel willen zeggen..“

Zover snapt Erin de wanhoop. Ze heeft sterk de behoefte om met Neil te praten, of misschien zelfs wel met zijn moeder. De vrouw die eigenlijk bijna een schoonmoeder voor haar is, ondanks dat ze elkaar nooit ontmoet of nooit gesproken hebben..

Ashley’s stem snijdt weer door de ruimte, na een ferme, boze slok van de wijn. “Mijn moeder heeft me niet eens zelf gebeld. Ook al noem ik haar sinds mijn babytijd moeder. Mijn zusje heeft me niet zelf gebeld. Nick heeft me gebeld en Lisa heeft me gebeld. Zij heeft heel accuraat gevraagd wanneer ik over wil komen voor de plechtigheden. Zelfs Rachel heeft me een SMSje gestuurd, om me te condoleren. Erin, dat alles in een paar uren! Maar mijn eigen familie… niets…”

Erin voelt de kilte met haar vriendin mee en begrijpt heel veel niet. Waarom is er altijd zo’n strijd geweest tussen die dominante vader en het kind dat hij bij een relatief onbekende vrouw verwekt heeft? Waarom is Ashley zo dood gezwegen, toen ze, als een noodkreet om aandacht, continenten ver wegliep en Erin haar voor het eerst had gezien in de wachtkamer van de kliniek?. De wachtkamer van de ellende.. zo was het wel.

Ashley gaat weer door met praten. Monotoon. Moe. Erin moet moeite doen om haar bij te houden terwijl het allemaal zo verschrikkelijk belangrijk is.

“Dat stomme restaurant wat Barbara en Nick vorig jaar voor hun huwelijk kregen… dat was niet eens echt voor hen. Pa heeft er ook andere mensen ingezet. En ook met hen wordt gespeeld. Dat is allemaal zo berekenend. Zo Pa. In plaats dat hij dat verklaard op een humane manier: sorry Barb, ik heb een fantastische chef-kok waar Nick veel van kan leren.” of als hij gezegd zou hebben dat hij dat zo wilde en niet anders, nee, Pa speelt met mensen als een kat met een muis. Plagen. Reacties bekijken en van achter slaan. Mensen aan zijn nagel laten bungelen en dan genoegdoening hebben als ze tegenspartelen. Ze niet genoeg pijn doen om te creperen, maar wel om hen littekens te bezorgen. En dat alles onder het mom van: ik heb het vroeger ook zo slecht gehad. Erin, ik heb zoveel gehoord, het afgelopen jaar na het huwelijk van mijn zusje. Zoveel… van mijn echte moeder, van de mensen die ik daar ontmoette. Ik huil eigenlijk niet van verdriet. Ik huil van vreugde. Om zijn dood… hoe verschrikkelijk is dat als dochter…” Erin kan het niet helpen maar door de spanning komt er ineens een afschuwelijk verraderlijke giechellach opborrelen. “Ash!! Je klinkt als Minnie in de laatste maten van de pokerscene in Fanciulla! Alweer!! Hoor je zelf wat je zegt: … ik huil niet van verdriet maar van vreugde. Ik heb gewonnen!! Drie azen en een boer!!” Ashley kijkt haar stom aan. En dan heeft Erin het weer voor elkaar. De immer parelende lach klinkt tegen de muren als een klokje. ”Je hebt gelijk. Ik ben weer Minnie en ik huil niet omdat ik verslagen ben maar omdat ik gewonnen heb… drie azen en een boer… hij is van mij..” citeert ze de operaheldin.

Ze buigt voorover om Erin te knuffelen. “Hoe krijg je het toch altijd weer voor elkaar om me met theatrale onzin mijn eigen ellende te laten vergeten. Te relativeren. Eigenlijk ben jij de heldin van mijn verhaal..”

Vader. Wat is een vader? Jij was heel erg veel. Manipulator, stuwer, dwinger. Vechter. Drinker. Denker. Speler. Je was voor mij, met de nadruk op: voor mij, geen vader in de voor mij juiste zin van het woord. Je was mijn verwekker… .”

Hier blijft het velletje voor de rest leeg.

Ashley is van uitputting in slaap gevallen, terwijl ze bezig was om op papier voor eens en voor altijd korte metten te maken met haar pijnlijke gevoelens ten opzichte van haar vader.

De kleine logeerkamer in Erin’s appartement is verlicht door de straatlantaarn. Het lampje naast het bed brand nog. Erin buigt zich over haar vriendin heen, kust haar zacht en moederlijk op haar koperen krullen en kijkt even naar het zelfs in de slaap nog door verdriet getekende gezichtje. Dan neemt ze het velletje papier van het bureau weg.

Ze gaat ermee naar de kamer, zet zacht muziek op om haar zinnen te verzetten en begint te schrijven.

Als Neil laat belt heeft Erin de speech klaar die Ashley op de plechtigheid van haar vader zou kunnen voordragen. Alles in metaforen.

Tags:

Categorieën: novemberdagen - Kortverhalen

Abonneer

Subscribe to our RSS feed and social profiles to receive updates.

Nog geen reacties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: